Page content

Triggers in ActiveCampaign

“Triggers” in ActiveCampaign

Automations” kunnen zeer handig zijn als je gebruik maakt van ActiveCampaign. Met “Automations” kan een proces voor een bepaalde groep contactpersonen automatisch worden doorlopen. Je hoeft hierbij dus zelf geen actie te ondernemen. Door gebruik te maken van een “Trigger” wordt dit geautomatiseerde proces geactiveerd. Een “Trigger” is dus als het ware de aanleiding voor de start van de “Automation“. De “Trigger” is de voorwaarde waarmee een “Automation” kan worden gestart. Om deze “Trigger” te activeren moet een contactpersoon aan de gestelde voorwaarde voldoen, zodat hij aan het proces kan worden toegevoegd en deze wordt gestart.

Gebruik van “Triggers”

Door gebruik te maken van een “Trigger” in combinatie met verschillende acties kun je een “Automation” creëren. Een “Automation” is een geautomatiseerd proces dat gestart wordt met een “Trigger”. Als gevolg hiervan zullen de acties worden uitgevoerd in de “Automation”. Hiervoor moet dan wel aan bepaalde voorwaarden worden voldaan die je als gebruiker zelf kunt instellen in ActiveCampaign. Je kunt door gebruik te maken van “Triggers” en “Automations” elke contactpersoon anders behandelen en benaderen. Dit is afhankelijk van het gedrag en de acties van de contactpersoon zelf.

Wanneer u vanuit ActiveCampaign een geheel nieuwe automatisering start, ziet u een lijst met alle manieren waarop een contactpersoon uw automatisering kan invoeren. Dit worden starttriggers genoemd.

Verschillende soorten “Triggers”

Een “Automation” kan worden opgebouwd uit oneindig veel verschillende acties. De “Trigger” is de aanleiding voor het starten van het proces van de “Automation”. In ActiveCampaign kun je gebruik maken van 20 verschillende soorten “Triggers”. Hierbij kun je gebruik maken van 1 “Trigger” of meerdere “Triggers” voor het starten van een “Automation”. Als je gebruik maakt van meerdere “Triggers”, dan moet een contactpersoon aan de voorwaarden van alle “Triggers” voldoen om in de “Automation” terecht te kunnen komen en het proces op te starten. In de onderstaande afbeelding zie je de “Triggers” die je kunt gebruiken in ActiveCampaign. In de daarop volgende hoofdstukken zal elke “Trigger” afzonderlijk worden omschreven en toegelicht.

“Subscribes”

Met deze “Trigger” kan een “Automation” gestart worden als een contactpersoon aan een lijst wordt toegevoegd. Het toevoegen van een contactpersoon aan een lijst gebeurd zodra hij zich heeft aangemeld (Subscribe in het Engels). Het aanmelden voor een lijst kan door het invullen van gegevens in een formulier dat bijvoorbeeld op de website van jouw bedrijf te vinden is. Zodra de gegevens zijn doorgegeven krijgt de contactpersoon een e-mail met een bevestigingslink. Als de contactpersoon hier op klikt, dan wordt de contactpersoon actief in ActiveCampaign en wordt mag er gebruik worden gemaakt van de gegevens. In dit geval is de “Trigger” de welkomst e-mail met de bevestigingslink die wordt verzonden nadat de gegevens zijn ingevuld. Je kunt deze “Trigger” ook gebruiken om nieuwe gebruikers te voorzien van tips en adviezen om aan de slag te gaan. Wil je dat een contactpersoon aan meerdere lijsten wordt toegevoegd, dan kun je ook verschillende “Subscribes “Triggers”” toevoegen.

“Unsubscribes”

Net als het toevoegen van contactpersonen aan een lijst, kunnen de contactpersonen ook worden uitgeschreven. Door gebruik te maken van deze “Trigger” wordt een “Automation” gestart als iemand zich heeft uitgeschreven. De aanleiding voor het starten van deze “Trigger” kan bijvoorbeeld zijn als iemand zich wil afmelden voor een e-mail met de nieuwsbrief. Door op de link in de e-mail te klikken waarmee hij zich kan afmelden voor het ontvangen van de berichten, wordt de “Trigger” in werking gezet. Het proces dat je daarna met de “Automation” in werking laat gaan kan er dan voor zorgen dat de gegevens van de contactpersoon uit de lijst worden verwijderd. Met deze “Trigger” is het ook mogelijk om een “Tag” aan een contactpersoon toe te voegen of te verwijderen. Met deze labels kun je contactpersonen eenvoudig zoeken en groeperen voor het versturen van berichten.

“Submits a form”

Zoals gezegd komen de gegevens van contactpersonen bij jou in ActiveCampaign terecht als een contactpersoon deze invult in een formulier op bijvoorbeeld de website. Je kunt er in dit geval voor kiezen of de “Trigger” wordt gestart als het formulier is ingevuld en ingediend of als er specifieke formulieren worden ingediend. In het laatste geval, dat er meerdere formulieren ingediend moeten worden, voeg je ook meerdere “Triggers” toe om de “Automation” te starten. Voor elk formulier moet dan een “Trigger” worden toegevoegd. Je kunt deze “Trigger” gebruiken om gegevens van contactpersonen te krijgen en om “Tags” toe te voegen waarmee contactpersonen in subgroepen van een lijst kunnen worden verdeeld.

“Opens / reads an email”

Zodra een contactpersoon een e-mail heeft geopend kan deze “Trigger” worden gebruikt om een “Automation” te starten. Het gebruik van deze “Trigger” is mogelijk bij elke campagne en ook voor e-mails die vanuit een “Automation” worden verzonden. Wordt er in het midden van een “Automation” bijvoorbeeld een e-mail verzonden met een speciale aanbieding, dan kun je een “Trigger” toevoegen voor het moment dat de e-mail geopend of gelezen wordt door de ontvanger. Ook met deze “Trigger” kunnen “Tags” aan contactpersonen worden toegevoegd. Je kunt de “Opens / reads an email” vooral goed gebruiken om de betrokkenheid van contactpersonen te volgen.

“Clicks a link in email”

Door gebruik te maken van deze “Trigger” wordt een “Automation” in werking gezet zodra er op een link is geklikt in een e-mail die automatisch verstuurd is naar de contactpersoon. Voor het gebruik van deze “Trigger” kun je opgeven om welke e-mail het gaat, uit welke lijst de contactpersoon moet komen en op welke link in de e-mail er precies is geklikt. Door de voorwaarden voor deze “Trigger” zo specifiek mogelijk op te stellen, kan de “Automation” worden gestart als een contactpersoon aan alle voorwaarden voldoet. Je kunt met deze optie ook kiezen voor het starten van een “Automation” als er op een willekeurige link in een e-mail wordt geklikt. Ook deze “Trigger” kan worden gebruikt voor alle campagnes en e-mails. Klikt iemand op een link, dan kun je een “Tag” laten toevoegen aan de contactpersoon die bijvoorbeeld aangeeft dat hij interesse heeft in het product dat te koop wordt aangeboden achter de link. Ook is het mogelijk om deze functie te gebruiken om een herinneringsmail te sturen als iemand zich bijvoorbeeld niet heeft aangemeld voor een cursus.

“Web page is visited”

Voordat je gebruik kunt maken van deze “Trigger” moet je ook gebruik maken van “Site Tracking”. Met “Site Tracking” is het mogelijk om het gedrag van een contactpersoon te volgen op jouw website. Als jouw bedrijf hier gebruik van maakt dan kun je deze “Trigger” laten activeren als een contactpersoon de webpagina op jouw site heeft bezocht die in de “Trigger” als voorwaarde is gesteld. Instellen van deze “Trigger” kan voor alle pagina’s op jouw website en dit kun je doen door het exacte adres van de pagina op te geven. Wil je dat de “Trigger” wordt gestart als iemand de pagina met prijzen heeft bezocht dan kun je bijvoorbeeld het volgende adres opgeven:

https://jouwwebsite.nl/producten/prijslijst

Daarnaast is het ook mogelijk om in het adres gebruik te maken van het * symbool. Hiermee kun je een “Automation” laten starten als een contactpersoon een groep met webpagina’s heeft bezocht. Elke pagina die tot de betreffende groep behoort, kan dan als “Trigger” worden gebruikt. Als je gebruik maakt van een specifiek adres zoals in het voorbeeld hierboven te zien is, dan start de “Trigger” alleen als die pagina is bezocht. Maak je gebruik van het onderstaande voorbeeld, dan worden alle pagina’s die in de categorie producten vallen meegerekend voor het starten van de “Trigger”.

https://jouwwebsite.nl/producten/*

Deze “Trigger” kan gebruikt worden voor het sturen van gerichte e-mails naar aanleiding van de pagina’s die bezocht zijn, het aanmaken van een campagne als de winkelwagen in de webshop van jouw bedrijf gevuld is met producten maar er verder geen actie wordt ondernomen en het toevoegen van “Tags” over de inhoud en interesses voor bepaalde producten aan een contactpersoon.

“Event is recorded”

Deze “Trigger” wordt geactiveerd door handelingen en gebeurtenissen die worden uitgevoerd. Dit kunnen bijvoorbeeld acties zijn die een contactpersoon uitvoert op de website zoals het zoeken naar een bepaald product of het klikken op een bepaalde link. Deze gebeurtenissen worden door gebruik te maken van “Event is recorded” dan geregistreerd door ActiveCampaign. Dit maakt het mogelijk om het gedrag van de contactpersoon bij te houden. Je kunt hiermee dan bijvoorbeeld een contactpersoon labelen als klant zodra er een aankoop is gedaan, waarna er nazorg kan worden geboden. De actie van de koop is dan de aanleiding voor deze “Trigger”. Hiermee is het ook mogelijk om berichten te versturen naar contactpersonen met bijvoorbeeld een herinnering.

“Shares an email”

Met deze “Trigger” kan een “Automation” worden gestart zodra een e-mail campagne die je met ActiveCampaign hebt opgezet wordt gepost op sociale media. Hierbij kun je aangeven voor welke platform op sociale media je de “Trigger” wilt laten starten. Het is daarbij belangrijk dat de weblink die naar de campagne leidt wordt gedeeld. Staat de link in een afbeelding dan kun je geen gebruik maken van deze functie omdat dit niet door ActiveCampaign herkend kan worden. Je kunt deze “Trigger” gebruiken om bijvoorbeeld personen binnen het bedrijf op de hoogte te brengen dat een campagne is gedeeld of om een bericht te versturen met een bedankje naar de persoon die de campagne heeft gedeeld op sociale media.

“Forwards an email”

Als je gebruik maakt van deze functie om een “Automation” te starten dan wordt de “Trigger” in werking gezet zodra een contactpersoon een bericht dat vanuit een campagne is verzonden heeft doorgestuurd. Dit kan worden gedaan voor elke campagne die je gebruikt en je kunt bij de instellingen aangeven in welke lijst of lijsten de contactpersoon moet voor komen. Zo is het mogelijk om automatisch een e-mail te sturen om de contactpersoon te bedanken die het bericht heeft doorgestuurd. Je kunt bijvoorbeeld ook een aanbieding doen of de contactpersoon in ActiveCampaign laten voorzien van de “Tag” met “Promotor”.

“Replies to an email”

Als een contactpersoon reageert op een e-mail die is verstuurd vanuit ActiveCampaign, dan kun je met deze “Trigger” een “Automation” starten. Elke e-mail die naar contactpersonen wordt verzonden vanuit ActiveCampaign is een campagne. Dit geldt niet voor e-mails die je direct naar een contactpersoon hebt verzonden vanuit een e-mail account. Je kunt gebruik maken van deze “Trigger” om een taak aan te laten maken zodat de contactpersoon antwoord kan krijgen op een gestelde vraag, een lopende “Deal” (aanbieding) voor een contactpersoon te verplaatsen naar een andere fase in het proces of een “Automation” te starten die een nieuw bericht aan de contactpersoon kan versturen.

“Tag is added”

Door gebruik te maken van “Tags” (labels) wordt het eenvoudige gemaakt om contactpersonen te zoeken, te sorteren en onder te verdelen in segmenten van een lijst. Met “Tags” kun je specifieke gegevens van een contactpersoon opzoeken zoals wat een contactpersoon heeft gekocht, waar op is geklikt en waar naar is gekeken op de website. Met de “Trigger Tag is added” kan er een automatisch proces worden opgestart zodra een contactpersoon voorzien is van een specifieke “Tag”. De voorwaarden hiervoor kun je zelf vastleggen. Het maakt daarbij niet uit op welke manier er een “Tag” wordt gekoppeld aan een contactpersoon. Dit kan gebeuren door toedoen van een “Automation”, het koppelen van een “Tag” aan een groep met contactpersonen of door het koppelen van een “Tag” aan 1 contactpersoon in het bestand met gegevens van deze persoon.

Deze trigger start een automatisering wanneer een specifieke tag aan een contact is gekoppeld. Er wordt een automatisering gestart, ongeacht hoe de tag wordt toegevoegd (bulk toevoegen aan een groep contacten, één contact via de contactpagina of een automatisering). Met de “Trigger Tag is added” kan bijvoorbeeld een “Automation” worden beëindigt en een ander geautomatiseerd proces worden gestart.

“Tag is removed”

Deze “Trigger” treedt in werking op het moment dat een “Tag” wordt verwijderd bij een contactpersoon. Ook dit kan automatisch gebeuren door toedoen van een “Automation”, handmatig in het bestand van de contactpersoon of wanneer er een “Tag” wordt verwijderd voor een groep met contactpersonen. Het maakt dus niet uit op welke manier de “Tag” verwijderd wordt. Het gebruik van deze “Tag” kan handig zijn om een “Automation” te stoppen waarbij de status van een contactpersoon gewijzigd wordt of om een contactmoment met de contactpersoon voor te stellen.

“Field Changes”

De “Automation” die je met deze “Trigger” kunt laten beginnen wordt gestart zodra er een specifiek veld in de gegevens van een contactpersoon wordt aangepast. Dit kan op elke manier gebeuren. Er kunnen gegevens worden aangepast, ingevuld of worden verwijderd om de “Trigger” voor “Field Changes” te activeren. Elk veld dat in ActiveCampaign gebruikt wordt kan als instelling worden opgegeven, behalve het e-mailadres. Dit is omdat het e-mailadres de basis van een bestand met contactgegevens is. Alle overige gegevens zijn om het e-mailadres geen gebouwd. Het is dus zowel mogelijk om aangepaste velden (“Custom Fields”) die je zelf hebt toegevoegd te gebruiken en de standaardvelden die in ActiveCampaign gebruikt worden voor het opslaan van gegevens. Je kunt instellen dat de “Trigger” in werking treedt als het veld wordt aangepast óf als er een specifieke waarde aan het opgegeven veld wordt toegekend. Deze “Trigger” kan het beste worden ingezet voor het op de hoogte brengen van gebruikers in ActiveCampaign van een wijziging in de contactgegevens of bijvoorbeeld voor het aanmaken van een aanbieding aan de hand van de nieuwe gegevens.

“Goal is achieved”

Zodra het beoogde doel van een proces is bereikt kan met deze “Trigger” een nieuwe automatisering gestart worden. Het is ook mogelijk om met deze “Trigger” een “Automation” te starten als een bepaald doel in een “Automation” wordt overgeslagen. In dat geval kan er een nieuw geautomatiseerd proces worden gestart. Je kunt bij het instellen van deze “Trigger” aangeven welk doel er behaald moet worden om de “Trigger” te activeren. Het is ook mogelijk om meerdere “Triggers” te gebruiken met “Goal is achieved” om een “Automation” te starten. In dat geval moeten er dus meerdere doelen behaald worden. Deze “Trigger” kan gebruikt worden om een werknemer op de hoogte te stellen als er een doel is overgeslagen in een proces, voor het aanpassen van de score die contactpersonen ontvangen naar aanleiding van de acties die ze doen of het starten van een vervolgproces zodra een contactpersoon klant is geworden.

“Date Based”

De “Automations” die je met deze “Trigger” kunt starten zijn gebaseerd op een specifieke datum. Dit kun je gebruiken om een proces automatisch te laten starten voor, op of na een vastgestelde datum. Alle contactpersonen die aan deze voorwaarde voldoen, dus bijvoorbeeld op dezelfde datum een product hebben gekocht, worden dan automatisch toegevoegd aan de “Automation”. Je kunt deze “Trigger” dan ook gebruiken voor het sturen van een herinnering naar aanleiding van een actie van een contactpersoon, het herinneren van betalingen die periodiek gedaan moeten worden of het sturen van een herinnering voor een afspraak met een contactpersoon.

“RSS Feed”

Als de RSS feed met inhoud van bijvoorbeeld de website wordt bijgewerkt, dan wordt deze “Trigger” automatisch in werking gezet om een “Automation” te starten. Je kunt met deze “Trigger” instellen hoe vaak er op bijgewerkt inhoud van de RSS feed gecontroleerd moet worden of hoeveel aanpassingen er in de inhoud moeten zitten voordat de “Trigger” in werking kan treden. Als aan één van deze voorwaarden is voldaan die je zelf hebt ingesteld, dan zal er een “Automation” worden gestart door ActiveCampaign. Het is mogelijk om deze “Trigger” toe te passen voor een automatisch proces waarin alle contactpersonen zijn toegevoegd of voor een bepaalde subgroep met contactpersonen. Deze “Trigger” kan gebruikt worden om berichten te versturen met informatie die aan tijd gebonden zijn of als er bijvoorbeeld een update beschikbaar is met betrekking tot een nieuwe blog. Ook is het met deze “Trigger” mogelijk om andere gebruikers binnen ActiveCampaign op de hoogte te stellen van nieuwe berichten die op de website zijn geplaatst.

“Dismisses a Site Message”

Als een contactpersoon op de website een specifiek bericht leest en dit bericht vervolgens afsluit, dan treedt deze “Trigger” in werking om een “Automation” te starten. Je kunt hierbij opgeven om het dan gaat om een specifiek bericht dat afgesloten moet worden of om alle berichten die op de website getoond worden. Verbolgens kun je bepalen of de “Automation” éénmalig moet worden uitgevoerd of meerdere malen. Het gebruiken van deze “Trigger” kan bijvoorbeeld om een “Tag” toe te wijzen aan contactpersonen die een specifiek bericht hebben gelezen. Het gebruik van deze functie is alleen mogelijk als je gebruik maakt van een Professional of Enterprise abonnement van ActiveCampaign. Bij deze pakketten beschikken over de functie “Site Message” waarmee deze “Trigger” gebruikt kan worden.

“Conversion occurs”

Je kunt deze “Trigger” toepassen om een “Automation” te starten op het moment dat een contactpersoon een “Conversion” activeert. Conversie is wanneer een contactpersoon een klant is geworden en producten koopt. Een conversie is dan een aankoop in dit geval. Je kunt er voor kiezen om met deze “Trigger” één of meerdere “Automations” te starten om bijvoorbeeld een medewerker binnen het bedrijf op de hoogte te stellen van deze conversie of om een gerichte mailing omtrent het aangekochte product naar de contactpersoon te sturen. Houd er rekening mee dat deze “Trigger” alleen beschikbaar is als je een Professional of Enterprise abonnement hebt. Voor deze functie wordt gebruik gemaakt van de “Attribution” optie en is het noodzakelijk om een conversie gedefinieerd te hebben om deze door ActiveCampaign te kunnen laten herkennen.

“Score changes”

Een contactpersoon in ActiveCampaign kan een bepaalde score toegekend krijgen op het moment dat er activiteit is. Ook een “Deal” kan over een bepaalde score beschikken. Aan de hand van de scores kan er bijvoorbeeld worden bepaald of een contactpersoon een trouwe klant is en een speciale aanbieding kan krijgen. Voor de “Deal” (aanbieding) kan de score dan gebruikt worden om de hoogte van bijvoorbeeld een korting te laten bepalen. Door gebruik te maken van deze “Trigger” start er een “Automation” zodra een score is aangepast, zodra een score hoger is dan een bepaalde waarde of zodra een score onder een bepaalde waarde komt. Deze “Trigger” kan gebruikt worden om automatisch een aanbieding te doen aan contactpersonen om ze over te halen tot het kopen van producten of om bijvoorbeeld “Tags” aan een contactpersoon toe te kennen met betrekking tot de status in het verkoopproces. Deze functie is alleen beschikbaar als je gebruik maakt van een Plus of een Enterprise account waarbij je beschikking hebt over de “Contact & Lead Scoring” functie.

“Enters a pipeline”

Als er een aanbieding (“Deal”) wordt aangemaakt voor een contactpersoon dan komt deze terecht in de “Pipeline”. Deze pijpleiding is het voorbereidende proces op een verkoop. Je kunt met deze “Trigger” aangeven welke “Pipeline” er gebruikt moet worden om een “Automation” te kunnen starten. Het is hierbij dan ook mogelijk om verschillende “Automations” voor verschillende “Pipelines” te laten starten. Je kunt deze functie gebruiken om een e-mail te sturen met een uitnodiging voor een telefonische afspraak of een taak inclusief melding te laten versturen naar een verkoopmedewerker binnen het bedrijf die de contactpersoon een product kan verkopen. Deze functie is alleen beschikbaar als je beschikt over de “Deals” optie van ActiveCampaign die je kunt gebruiken als je beschikt over een Plus of Enterprise account.

“Deal stage changes”

Een “Automation” is een geautomatiseerd proces dat is opgebouwd uit verschillende fases. Deze fasen worden de “Stages” van de “Automation” genoemd. Als een “Deal” in een andere fase terechtkomt binnen de automatiseren, dan kan deze “Trigger” een nieuwe “Automation” in werking zetten. Je kunt hierbij aangeven voor welke “Pipeline” deze “Trigger” gebruikt kan worden en naar welke fase een “Deal” verplaatst moet worden om de “Trigger” te kunnen activeren. Zo kun je automatisch een taak aan laten maken die bij een fase hoort waar de “Deal” terecht is gekomen. Ook kun je hiermee specifieke berichten versturen om een “Deal” naar een andere fase te laten verplaatsen. Deze functie kan alleen gebruikt worden in combinatie met de “Deals” functie van ActiveCampaign die beschikbaar is bij het gebruik van een Plus en een Enterprise account.

“Deal status changes”

Zodra de status van een aanbieding (“Deal”) wijzigt, kan deze “Trigger” een “Automation” in werking zetten. Met deze “Trigger” kan een aanbieding de status krijgen van “Open”, “Won” of “Lost”. Het is afhankelijk van het handelen van de contactpersoon welke status er aan de aanbieding gehangen kan worden. Je kunt deze “Trigger” bijvoorbeeld gebruiken om een notitie of een “Tag” aan een contactpersoon te koppelen als er gebruik wordt gemaakt van de aanbieding of niet. Ook kan deze “Trigger” worden ingezet om een werknemer op de hoogte te stellen als er gebruik is gemaakt van een aanbieding of als deze nog open staat. Deze functie is alleen beschikbaar als je beschikt over de “Deals” optie van ActiveCampaign die je kunt gebruiken als je beschikt over een Plus of Enterprise account.

“Makes a purchase”

Deze functie is alleen beschikbaar als je gebruik maakt van een Plus, Professional, Enterprise of Trial account van ActiveCampaign. Hiervoor moet de “Deep Data” integratie van ActiveCampaign geïnstalleerd zijn. Deze “Trigger” wordt geactiveerd en zet en “Automation” in werking zodra er een bestelling wordt geplaatst door een contactpersoon. De contactpersoon veranderd dus naar een klant omdat hij een aankoop doet. Je kunt zelf toewijzen welke status de bestelling moet hebben. Je kunt bijvoorbeeld aangeven of de bestelling geplaatst is, of de betaling als is afgerond of dat de bestelling is afgewezen. Het inzetten van deze “Trigger” kun je doen om bijvoorbeeld vervolg e-mails te verzenden naar aanleiding van een aankoop, een contactpersoon te voorzien van een bepaalde “Tag” waarin duidelijk is dat er een aankoop is gedaan of de score die aan een contactpersoon wordt toegewezen aan te passen.

    Comment Section

    0 reacties op “Triggers in ActiveCampaign

    Plaats een reactie


    *